Wetboek-online maakt gebruik van cookies. sluiten
bladeren
zoeken

Jurisprudentie

BC0983

Datum uitspraak2007-12-28
Datum gepubliceerd2007-12-28
RechtsgebiedStraf
Soort ProcedureRaadkamer
Instantie naamRechtbank Zutphen
Zaaknummers06/460354-07
Statusgepubliceerd


Indicatie

Raadkamer beveelt gevangenhouding na veroordeling.


Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN BEVEL GEVANGENHOUDING Parketnummer: 06/460354-07 De rechtbank heeft te beslissen op de vordering van de officier van justitie van 28 december 2007, strekkende tot gevangenhouding van: [verdachte], geboren op [plaats 1988], wonende [adres], thans verblijvende: Huis van Bewaring Doetinchem te Doetinchem. De rechtbank heeft de processtukken bezien, waaronder een bevel tot bewaring verleend op 29 juni 2007. De vordering is heden behandeld door de raadkamer. Van deze behandeling is een proces-verbaal opgemaakt. Motivering Het is de rechtbank na onderzoek gebleken dat de verdenking, de bezwaren en de herhalingsgronden als bedoeld in artikel 67a, tweede lid ten tweede, eerste alinea, en ten derde, van het Wetboek van Strafvordering, die tot het tegen verdachte verleende bevel tot bewaring hebben geleid, ook thans nog bestaan. Verdachte is op 27 juni 2007 in verzekering gesteld. Op 29 juni 2007 heeft de rechter-commissaris een bevel bewaring verleend voor een termijn van 14 dagen. Met ingang van 29 juni 2007 heeft de rechter-commissaris de voorlopige hechtenis geschorst. Op de zitting van de politierechter van 19 december 2007 heeft de politierechter de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis bevolen. Voorts is verdachte door de politierechter op die zitting onder meer veroordeeld tot een maand gevangenisstraf met aftrek. Tijdens de behandeling van de onderhavige vordering door de raadkamer heeft de officier van justitie vermeld dat tijdens voornoemde zitting van de politierechter is verzuimd gevangenhouding van de verdachte te vorderen, waarna deze vordering alsnog bij de raadkamer is ingediend. De raadkamer is van oordeel dat de officier van justitie in haar vordering kan worden ontvangen. De uitspraak van 19 december 2007 is nog niet in kracht van gewijsde. Niet valt in te zien, nu buiten kijf is dat de raadkamer in een geval als het onderhavige desgevorderd opheffing van een geschorst bevel tot voorlopige hechtenis kan bevelen, dat de raadkamer niet tevens de vordering tot gevangenhouding zou kunnen behandelen. Aangezien verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van een maand met aftrek, hij twee dagen in verzekering heeft gezeten en er een bevel tot bewaring is verleend voor een termijn van 14 dagen, zal de rechtbank de gevangenhouding voor een termijn van 14 dagen bevelen. Beslissing Beveelt de gevangenhouding van verdachte voor een termijn van 14 (veertien) dagen. Deze beschikking is gegeven op 28 december 2007 door mr. I.P. de Bie, voorzitter, mrs. J.C. van der Hooft en A.J. Vaandrager, rechters, in tegenwoordigheid van G.G.J. Lotterman-Lenselink, griffier, en ondertekend door de voorzitter en de griffier.